Home | Flevoland | Wij combineren de lach met rauwe emotie

Wij combineren de lach met rauwe emotie

Font size: Decrease font Enlarge font
Wij combineren de lach met rauwe emotie

Dronten - ‘Dan maar niet gelukkig’ heet het zesde programma van het cabaretduo Veldhuis & Kemper én de gelijknamige nieuwe cd. Een dialoog tussen twee mannen uit de tv- en reclamewereld die hun geluk in het cabaret vonden. ‘Met de vorige programma’s hebben we de mensen in hun broek laten pissen van het lachen.’

Remco Veldhuis: ‘Mei vorig jaar zijn we aan ons nieuwe programma begonnen.’ Richard Kemper: ‘Zaten we met de dramaturg en de regisseur avondenlang aan de keukentafel te lullen over het wezen van geluk.’

 

Veldhuis: ‘Richard vertelde toen een keer een verhaal over zijn leven. Dat hij soms de behoefte voelt om iets stuk te maken. Zei Geert, onze regisseur: ‘Dan maar niet gelukkig!’ Vonden we meteen een toffe titel. Daar zijn we op doorgegaan.’

 

Kemper: ‘Waarom is het belangrijk om gelukkig te zijn? Dat is een kernvraag in ons nieuwe programma. Tegelijkertijd zitten er losse ideeën in die niets met het onderwerp te maken, maar die je gewoon graag wilt spelen. Dat ontmoet elkaar ergens halverwege.’

 

Kemper: ‘Met de vorige programma’s hebben we de mensen in hun broek laten pissen van het lachen. Omdat we ze confronteerden met de problemen van hun eigen huwelijk, van iedere relatie. Al dat geklooi en geklungel, waar wij dan een soort troost in bieden. Dat is ons heel goed gelukt. Daarin willen we nu de volgende stap zetten.’

 

Veldhuis:  ‘We willen méér dan alleen maar praten en mensen laten lachen. We willen ze raken. Ergens halverwege januari is dat kwartje bij ons gevallen. Zonder melodramatische bullshit. Een paar minuscule zinnetjes die we hebben toegevoegd, en die de kern raken van de personages die we spelen. Meteen kregen we allebei kippenvel.’

 

Kemper: ‘De meeste cabaretiers werken van binnen naar buiten. Die beginnen met een boodschap, een moraal, en gaan die tijdens de try-outs opleuken, grappig maken. Wij redeneren andersom. Onze show moet sowieso leuk zijn, want daar betalen de mensen voor. En de boodschap komt vervolgens steeds beter naar voren tijdens de try-outs.’

 

Veldhuis: ‘Wij combineren de lach nu meer dan ooit met rauwe emotie. Die liggen zo dicht bij elkaar dat het bijna pijn doet. In dit nieuwe programma volgt de hardste lachgolf meteen op de meest schrijnende scène, waarbij onze personages zich het kwetsbaarst opstellen.’

 

Kemper: ‘Maar daarmee nog geen garantie voor succes. Ik sprak ooit een fan van Arie en Sylvester die de eerste vijf programma’s geweldig vond, maar bij het zesde was afgehaakt en nooit meer terug zou komen. Dat heeft me aan het denken gezet. En geleerd dat je in dit vak nooit verder dan één programma vooruit moet kijken. Wat er daarna gebeurt, zie je dan wel weer.’

 

Veldhuis: ‘Richard leidde vroeger een reclamebureau. Hij heeft uit volle overtuiging voor dit vak gekozen, maar dat was een enorme stap. Bij mij was het meer: God zegene de greep, ik kan altijd nog terug de televisiewereld in. Maar ik ben gebleven. Ik word er gelukkig van om met een klein team mooie dingen maken. Van spelen. Direct boter bij de vis krijgen, namelijk: de lach uit de zaal. Maar het komt me zeker niet aanwaaien. Cabaret gaat altijd en eeuwig over jezelf. Afgezien van prostitutie is er geen beroep waarbij je jezelf zo in de etalage zet.’

 

Kemper: ‘Op de kleuterschool wilde ik al acteur worden. Later ging ik met mijn vader naar Toon Hermans in Carré. Ik ben met theater opgevoed. Speelde altijd de hoofdrol in de schoolmusical. Liedjes schrijven vind ik heel leuk om te doen, net zoals iemand anders van voetballen gelukkig wordt. Maar niet omdat het de zuurstof van mijn bestaan is. Of dat ik anders niet meer kan leven.’

 

Veldhuis: ‘Nog steeds aarzel ik vaak welk beroep ik moet invullen. Sta je daar, bij de douane in Cuba. Comedian? Dekt de lading al niet meer. Theatre maker, ook al niet. Uiteindelijk wordt het dan maar artist.’

 

Kemper: ‘Bij een cabaretier denk ik nog steeds aan Youp van ’t Hek, niet aan ons. Wij waren een reclameman en een tv-man met een hobby. Dat beroep viel weg, en toen bleef alleen die hobby over. En het mooie is, daar kunnen we nu van leven.’

 

Subscribe to comments feed Comments (0 posted)

total: | displaying:

Post your comment

Please enter the code you see in the image:

Captcha
  • email Email to a friend
  • print Print version
  • Plain text Plain text
Tagged as:
No tags for this article
Rate this article
0
Powered by Vivvo CMS v4.6